Groenewald: leerlingen zijn vrij om hun leerroute te bepalen

“Mijn leerlingen zakten in de klas wat onderuit. Dachten waarschijnlijk: ‘mevrouw Elders is aan het vertellen, lekker makkelijk …’ Maar ik zag ook dat andere leerlingen dat juist niet prettig vonden. De aanpak werd als te schools werd ervaren. In een eindexamenklas is dat niet meer dan logisch.“ Jocelyn Elders, docent Nederlands op het Groenewald, gooide het over een andere boeg met haar klas vmbo-T4. De aanpak werkt en is inmiddels uitgebreid naar alle andere klassen van vmbo-T4 en twee klassen van vmbo-T3.

Jocelyn: “Ik wilde mijn leerlingen allemaal meer activeren en degenen die toe waren aan meer verantwoordelijkheid dit ook geven. Differentiëren dus. De leerlingen laat ik vrij om hun leerroute zelf te bepalen.”

Hoe doen ze dat? “Om dat te faciliteren heb ik de week ingedeeld in vier soorten lessen: we starten de week met de klassikale uitleg. Hierin behandel ik de examenstof. In de tweede les kunnen de leerlingen kiezen. De examenstof herhalen met mij, of zelfstandig werken aan iets anders als ze de stof al beheersen. De derde les van de week noem ik de één-op-één les. Iedere leerling kan kiezen om of met een specifieke leervraag bij mij te komen. Of in de klas verder te werken aan iets anders. De laatste les van de week is het de ‘toets-en-stilte-les’. Ze mogen ervoor kiezen òf en welk PTA ze maken of liever in stilte werken aan een leesverslag bijvoorbeeld. Het enige nadeel is dat ik alle toetsen vijf keer moet maken, maar dat heb ik er graag voor over! Om de stof overzichtelijk te houden verdeel ik deze over twee perioden. De leerlingen werken met een eigen planner per periode. Bij de verschillende onderdelen krijgen ze naast de stof ook relevante YouTube-filmpjes. Ze kunnen er zo voor kiezen om het anders uitgelegd te krijgen.”

Wat zijn de ervaringen tot nu toe? De leerlingen vinden het een erg prettige manier van werken. Ik heb een enquête gehouden en de reacties waren heel positief. De leerlingen gaven aan zich meer verantwoordelijk te voelen voor hun eigen leerproces. Een vraag in de enquête ging over vertrouwen. De grote meerderheid gaf aan dat zij het gevoel hebben dat ik als leraar vertrouwen heb in hun kunnen. Heel belangrijk! De keuzevrijheid vinden ze heel fijn. Na een belangrijk sporttoernooi kiezen ze bijvoorbeeld voor meer voorbereidingstijd voor een PTA.”

“We voelen ons ook meer een team: zij werken samen met mij naar het eindexamen. We willen daar allemáál goede cijfers voor.”

Wat merk je aan jouw leerlingen?
“Ze zijn echt actiever met het vak bezig en denken na over hun planning. Ze werken nu meer uit hun eigen motivatie. Zelf merk ik dat loslaten moeilijk is. Eerder deed de hele klas tegelijkertijd dezelfde oefening. Dat kon ik goed in de gaten houden. Nu doen ze allemaal iets anders. Ik roep ze dan ook regelmatig bij me om samen hun werk en planning te bekijken. Ik vertrouw erop ze het kunnen! En het is zo. Ze kunnen het aan!”

Reageer op dit artikel

avatar
  Subscribe  
Abonneren op