Ouderbetrokkenheid: “Uiteindelijk gaat het erom dat er meer aandacht voor de individuele leerling is”

Op het Broeklandcollege in Hoensbroek is het team volop bezig met onderwijsontwikkeling. Camiel Krutzen (leerjaarcoördinator onderbouw en lid van de werkgroep ouderbetrokkenheid) en Linda Ploumen (docente Nederlands en lid van de werkgroep ouderbetrokkenheid) vertellen wat er allemaal gebeurt op dit vlak.

Ouderbetrokkenheid

De onderwijsontwikkeling op het Broeklandcollege vindt onder andere zijn oorsprong in het streven om de motivatie van de leerlingen te verbeteren en de ouderbetrokkenheid te vergroten. Vandaar dat de school ervoor gekozen heeft om in een driehoek van ‘ouder – kind – school’ te gaan samenwerken. Dat betekent dat de mentor, de ouders van de leerling en de leerling zelf samen in een gesprek aandacht besteden aan zijn of haar welzijn, resultaten, talenten, valkuilen en behoeften. Waar loopt de leerling vast, welk talent heeft hij, wat vindt hij niet leuk, wat wel, waar is hij mee geholpen? Er worden in deze opzet doelen geformuleerd en besproken waaraan de leerling gedurende het schooljaar zal werken.

Startgesprekken

Dit schooljaar zijn de mentoren van de brugklassen begonnen met deze manier van werken in de zogenoemde startgesprekken. Dat is positief verlopen en ervaren door alle partijen. Op een enkeling na hebben alle ouders van de 96 brugklassers meegewerkt aan dit startgesprek. “Je hebt de ouders gewoon nodig, je moet gewoon samenwerken”, aldus Linda.

Een voordeel van deze manier van werken is bijvoorbeeld dat de mentor meer van een kind te weten komt in zo’n gesprek, omdat de ouders met die informatie komen. Omgekeerd geldt hetzelfde voor de ouders. Of hij krijgt handvatten van de ouders over hoe een kind reageert op welke benadering. Er wordt zoveel mogelijk informatie verwerkt in het leerlingvolgsysteem zodat het inzichtelijk is voor alle medewerkers die betrokken zijn bij de leerling.

Spannend

En de kinderen? Die vonden het in het begin best spannend maar ze zijn heel open geweest. Ze kunnen heel goed aangeven wat ze goed kunnen en waar ze minder goed in zijn. “Een compliment voor de school”, vindt Camiel, “want blijkbaar voelen ze zich heel veilig en zo hoort het ook”.

Adaptief leren?

Of deze nieuwe manier van werken al onder de noemer ‘adaptief leren’ valt, durven Linda en Camiel niet te zeggen. Voor adaptief leren moeten echt nog wel meer stappen gezet worden. Daar zijn we nog niet uit, maar ik vermoed dat dit nog bij veel scholen in de kinderschoenen staat. We zitten immers toch met centrale eindtermen waaraan de leerlingen moeten voldoen. “Maar waar het uiteindelijk om gaat is dat er meer aandacht is voor de individuele leerling en dat bereiken we op deze manier”.

Andere vormen van onderwijsontwikkeling

Ondertussen gebeurt er nog veel meer op het gebied van onderwijsontwikkeling. Zo is er keuzewerktijd ingevoerd. Dit betekent dat leerlingen, in overleg met hun mentor, 2 uur besteden aan vakken waarin ze bijgespijkerd willen worden. Ook loopt er een vakoverstijgend project. Zo wordt binnenkort ‘Museum in School’ in Hoensbroek geopend, i.s.m. met SCHUNCK*. De leerlingen werken vanuit de invalshoek van verschillende vakken aan de opening van dit Museum. Vanuit Engels maken ze bijvoorbeeld een Engelse uitnodiging en vanuit CKV ontwerpen ze een mooie poster. In de Maatwerkklas kunnen leerlingen terecht die dreigen uit te vallen; de klas fungeert als een soort vangnet waarbij het doel is dat ze uiteindelijk weer terugkeren in de reguliere klas. Toekomstmuziek zijn nog de excellentie-uren; uren voor leerlingen die als een speer gaan en die juist verdieping van stof willen. Tot slot zijn er nog de vaardigheidslessen die dit jaar voor het eerst aan het begin van het jaar waren gepland. Daar besteedt men o.a. aandacht aan normen en waarden, vormen van samenwerking en aan hoe je nu eigenlijk leert, hoe maak je jezelf de leerstof eigen? “En met succes”, aldus Camiel. “Tijdens de activiteitendag bij SBP Outdoor in Bergeijk, konden we duidelijk zien dat de leerlingen iets opgestoken hadden van de vaardigheidslessen. Dat zag je aan de manier waarop ze met elkaar omgingen.  De volgende keer plannen we deze dag dus weer na de vaardigheidslessen”.

Om al deze vormen van onderwijsontwikkeling in het rooster in te kunnen passen, zijn de lessen ingekort van 50 naar 40 minuten.

Vervolg

Hoewel er nog geen vervolg ingepland is voor het driehoeksgesprek ‘ouder – kind – school’, ligt het in de lijn der verwachting dat er aan het eind van het schooljaar geëvalueerd wordt hoe de afspraken verlopen zijn. Dat is natuurlijk niet het enige meetpunt. Gedurende het jaar zijn er ook nog ouderavonden en de rapportgesprekken.

En dan volgend schooljaar op naar de volgende uitdaging: hoe dit concept te vervolgen in het tweede jaar. Kump good!

Reageer op dit artikel

avatar
  Subscribe  
Abonneren op